|
           
Sinds meer dan 19 eeuwen is ons streven,
hopen wij dit te mogen beleven
dat de tempel in ere wordt hersteld
en het altaar weer wordt opgesteld.
En dan zullen wij liederen voor U zingen
als de dienst daar weer kan beginnen.
Heel veel hebben onze voorouders geleden
onder alles wat de Egyptenaren hen aandeden.
Na 210 jaar kwam eindelijk de tijd
Dat U ons met sterke hand heeft bevrijd
De egyptenaren bleven ons achtervolgen
De kolkende zee heeft hen echter verzwolgen.
In ballingschap werden wij weggevoerd,
naar Bawel zijn de stammen ontvoerd.
De eerste tempel ging op in vuur en vlam,
waarmee een eind aan deze periode kwam.
Na 70 jaar keerde het volk terug naar zijn land
En herstelde de tempel met vaste hand.
Mordegai de jood liet zich niet overtuigen,
onder geen beding wilde hij voor Haman buigen.
Haman wilde ons volk laten uitroeien
Maar Mordegai was niet te vermoeien
Samen met Esther stond hij pal
en bracht de snode Haman ten val.
Onder griekse heerschappij werd de tempel besmeurd
U kent de geschiedenis die toen is gebeurd
Alle olieën maakten zij onrein en ongeschikt,
Maar G'd had het geheel anders beschikt
De Makkabe?n streden en hebben gewonnen
en daarna is het chanoekawonder begonnen.
Nu tot slot hebben wij nog een dringende vraag:
Stuur ons spoedig de langverwachte masjie'ach.
Dan komt er eindelijk een eind aan deze nacht
De ge'oela waar wij al eeuwen op hebben gewacht,
Een tijd van voorspoed en sjalom, echte vrede
Dat is dan geen toekomst meer, maar heden.
N.B. Vrije bewerking van Ma'oz Tsoer door rabbijn S. Evers
|