|
Jaapje Misschien en de Jidische tijdmasjien Jaapje Misschien.Een rare naam? Misschien wel. Maar niet iedereen kan
nu eenmaal Cohen of Polak heten. Gelukkig maar. Jaapje Misschien dus.
Of liever: Jaap. Want hij was dan misschien met z'n één
meter drieëndertig niet de langste van zijn
klas, hij was toch echt al dertien jaar. Barmitswa en dus (zoals dat
in Nederland zo merkwaardig wordt genoemd) kerkelijk meerderjarig. Hij
had toch echt de hele sidra in sjoel gelezen, alles uit de Tora wat
er die Sjabbat aan de beurt was. Jaap dus. Geen Japie. Dat was duidelijk.En ook geen Jaapje. Dat bleef
alleen zijn moeder zeggen: "Jaapje." Want dat vond ze zo lief
klinken: "Jaapje. Knul. Knulletje. Kleintje." Want klein was
hij voor z'n leeft Daar had je het weer. Die slordigheid van Jaap om namen verkeerd te onthouden. Elba heette het eiland en niet Elbe. Zoals het ook Nieuwpoort was waar in 1600 slag werd geleverd. En niet Nieuwspoort zoals Jaap beweerde. Ook bij de Cito-toets had Jaap van die verkeerde antwoorden gegeven. De beroemdste dichter van Nederland had hij Joost van de Vondeling genoemd. Met zijn collega in Engeland. Sjaak Spier. En Herman te Gortig had, wist Jaap, het gedicht "Mij" geschreven. Over zichzelf, waarschijnlijk Andere beroemde dichters hadden volgens Jaap De Genesis geheten. Kees Punt. Vadertje Katzman. Gido Gezellig. De beroemdste schilders van Nederland waren Rembrand (de t aan het eind had Jaap vergeten) en Vincent van Gaal (in plaats van Van Gogh) geweest. En verder Gerard Douwe Egberts, Paultje Potter en Frans Halsema. En in Frankrijk had je (alweer volgens onze Jaap) de in paarse kleuren schilderende Suzanne gehad. De impresario Bizarro. Monet, Manet en Renault. En de man van de kubussen had Pablo Incasso geheten. " En wie zegt dat ik geen gelijk heb?" had Jaap, toch wel fel, geantwoord. Want men had hem op z'n fouten gewezen. "Misschien hebben jullie allemaal ongelijk!" En zo was Jaapje Misschien er toe gekomen een tijdmachine te bouwen. Om terug te gaan in de tijd. Dan kon hij Vondeling, Sjaak Spier, Renault, Incasso en al die anderen persoonlijk gaan vragen voortaan hun naam te gaan schrijven zoals hij, Jaap, dacht dat het was. En zo zou hij altijd gelijk hebben.Kan het leven mooier zijn? Nee, toch?! *** Al bouwend aan zijn tijdmachine was Jaap een beetje tot andere gedachten gekomen. Het leek hem bij nader inzien eigenlijk veel interessanter verder in de tijd terug te gaan. Méér dan vijftig, honderd, tweehonderd jaar. Waarom zou hij zich bijvoorbeeld niet laten terugflitsen naar het tijdperk van de dinosaurussen? Hij zou video-opnamen kunnen maken. En wie weet, misschien kon hij een dinosaurusje meenemen naar het heden. Zouden zijn vrienden van opkijken. Reken maar! En dus had onze Jaap genoeg eten en drinken ingekocht voor een reis van tweehonderd miljoen jaar het verleden in. En genoeg stripboeken en puzzelblaadjes voor onderweg. Want voor zover hij de Rivaliteitstheorie van Jan Steen (hij bedoelde de Relativiteitstheorie van Einstein) had begrepen, zou de tijdreis waarschijnlijk wel even duren. Jaap rekende uit: honderd jaar per seconde. Dus zesduizend jaar per minuut. Dat was dan driehonderdzestigduizend jaar per uur. Dat wil zeggen acht miljoen en zeshonderdveertigduizend jaar per etmaal. Het betekende dat hij voor de tocht van tweehonderd miljoen jaar terug in de tijd ruim drieëntwintig dagen nodig zou hebben. Alsjeblieft! Gewoon duizelingwekkend. En beangstigend ... "Ik bevestig een mezoeza aan de deur van de tijdmachine," besloot
Jaap. "Dat geeft hoop ik een wat rustiger gevoel." En bij het
Joods Service Centre van Nederland, Jad Achat, had onze Jaap een kosjere
mezoeza gekocht, met de tekst, op perkament geschreven, door een sofeer-schrijver
Plotseling voelde Jaap zich opgenomen. Er ging een zoef door hem heen.
De reis was begonnen! Terug naar het verleden! Nog ruim drieëntwintig
dagen en hij, Jaap (niet Jaapje of Japie, maar Jaap) Misschien, zou,
als eerste mens op aarde, met Dino en Dina Saurus kennismaken! "
Even de ogen sluiten nu. Dan wat eten en drinken. Daarna een stripboek
of een kruiswoordpuzzel." Dacht Jaap. *** Minutenlang bleef Jaap sprakeloos kijken. Hij zag een wereld zo mooi, zo mooi! Een vrede, een rust, een gevoel van zaligheid zoals hij nog nooit had geproefd. " Waar ben ik?" vroeg hij zich af. "Wat is het, wat ik hier zie? Is dit alles echt, reëel, van onze wereld? Of is dit een droom?" Voorzichtig stapte hij uit de tijdmachine. Hij durfde zijn voeten bijna niet op de grond neer te zetten. Om maar niets te beschadigen. Zo gaaf en mooi was alles. Hij zag bomen, heel hoog en heel anders. Als een tropisch woud. Metershoge varens. Meterslange lianen. Prachtige bloemen. Met schitterende kleuren en verrukkelijke geuren. Vlinders en bijen zoemden en zongen. Het gras wuifde met zoete muziek. En daar, en daar ... Jaap zag een man, zo bijzonder, zo bijzonder! Jaaps hart stond bijna stil van opgewondenheid. Maar ook van angst. "Waar was hij?" vroeg hij zich opnieuw af. "En wie was die man?!" " Welkom, welkom," klonk het. "Baroech haba! Fijn dat je, zo kort na de Schepping al, een kijkje komt nemen in het Paradijs." Jaap kon geen woord uitbrengen. "Paradijs? Hier op aarde? Even na de Schepping? En ..., en ... zou deze man dan Adam zijn?" " Inderdaad," raadde de man Jaaps gedachten. "Ik ben Adam, de eerste mens. In het paradijs. Zojuist door G.d geschapen." Jaapje misschien moest het allemaal even verwerken. Het was dan ook niet niks wat hij meemaakte. Eerst een reis naar het verleden. En dan niet bij de dinosaurussen terechtkomen, maar in het Paradijs. Bij Adam. Net na de Schepping. "Hebt u verstand van tijdmachines?" wilde Jaap aan de eerste
mens vragen. Maar hij kreeg er geen gelegenheid toe. Want juist op dat
moment zag en hoorde hij hoe Adam de hele wereld naar zich toe riep:
alle dieren, vissen, vogels. Alle bomen, bloemen, planten. Zon, maan
en sterren. En toen al het geschapene zich rond Adam had verzameld, dichtbij
en veraf, riep Adam hun, heel indringend en vol overtuiging, toe: "Komt,
laten wij ons neerwerpen en buigen. Laten wij knielen voor G.d Die onze
Maker is. Bo'oe nisj'tagawè wenig'ra'a, niv'rega lifnee Hasjeem
Oseenoe!" Jaap voelde zich op dat moment zoals hij zich nog nooit
had gevoeld. Het was zo onvoorstelbaar mooi en zacht. Lieflijk en heerlijk.
Het was
alsof hijzelf een stuk muziek was geworden, temidden van klanken en akkoorden
die al het geschapene doortrokken. "O, dit vast te houden ... dit
nimmer los te laten!" hoopte Jaap. *** Na hartelijk van Adam afscheid te hebben genomen keerde Jaap naar de plek waar hij uit de jiddische tijdmasjien was gestapt, terug. Alles was nog intact. Natuurlijk. Instappen dus en wegwezen. Jaap toetste "Van Eden naar heden" in en even snel als hij eruit was verdwenen, arriveerde hij weer in de tegenwoordige tijd. Alle gebeurtenissen, alles wat hij had meegemaakt en vooral de boodschap "Komt,
laten wij ons neerwerpen en buigen. Laten wij knielen voor G.d Die onze
Maker is," maakte Jaap bekend. Rosj Hasjana - Goed en zoet O, G.d, grijp in! De mensheid dacht: Wij zien nu in Wij vragen U, Eerder in Hakehiloth gepubliceerd . |
home - rebbe - actueel - contact - masjieach - tourist - kids - vragen - parsje - about us - mivtsoim - feestdagen - bibliotheek - sjabbat tijden - kalender webmaster@chabad.nl © Chabad.nl 2003 |