De parsha vertelt in het begin over de taken van de stam Levie in de
woestijn, die de verschillende onderdelen van het heiligdom moesten dragen.
Daarna heeft de parsha nog een aantal onderwerpen van andere aard. Zo wordt
er uitvoerig gesproken over de wetten van een vrouw die overspel pleegt en
daarna over de wetten van een nazier, iemand die zichzelf allerlei
beperkingen oplegt. Daarna komt een heel lang stuk, waardoor deze parsha ook zo lang is.
Bij de inwijding van het Misjkan, het heiligdom, hebben de 12 stamhoofden
allen een offer gebracht. Gedurende 12 dagen was er telkens een ander aan de beurt. Hoewel alle 12 hetzelfde offer brachten, herhaalt de Torah toch 12 keer het hele stuk.
Eigenlijk lijkt dit toch wat overbodig, had de Torah niet veel simpeler
kunnen schrijven wat het eerste stamhoofd, Nachshon ben Aminadav van de
stam Jehoeda, als offer heeft gebracht en daarna de namen schrijven van de
andere 11 en schrijven dat ze hetzelfde offer brachten. Dat had de dienst op deze sjabbat aanmerkelijk korter gemaakt!
Een van de antwoorden is het volgende. In de verhalende verklaring van de
Torah, de midrash, wordt per stamhoofd uitgelegd wat zijn diepere intentie
was bij het offer dat hij bracht en hoe die intentie past bij deze stam. Met andere woorden, het lijkt wel 12 keer hetzelfde, maar het is niet 12 keer hetzelfde, het is 12 keer een ander offer geweest.
Dit leert ons een belangrijke les. Onze gebeden zijn min of meer te
beschouwen als een vervanging van de offers. Ook bij onze gebeden komen we
een vaste formulering tegen. Drie keer per dag zeggen we het staande gebed,
richting Israel en Jeroesjalajim. 6 dagen per week in vrijwel dezelfde
bewoording. Op sjabbat en op feestagen wijkt de bewoording af, maar elke
sjabbat is het wel weer hetzelfde gebed.
Maar uit deze parsha leren we dat dit helemaal niet elke dag hetzelfde moet
zijn. De woorden kunnen identiek zijn aan de woorden van gisteren en
eergisteren, maar vandaag kan ik er een heel andere intentie bij hebben en
morgen weer een andere intentie.
Als je het zo bekijkt, moet het mogelijk zijn om een sleur in onze gebeden
te voorkomen.