Onderwerp: De veertig jaar in de woestijn was geen makkelijke periode. Korach, een neef van Mosje, heeft een groot deel van de bevolking weten op te hitsen tegen Mosje en in het bijzonder tegen het Koheenschap van Aharon. Na een zeer onaangename confrontatie werd duidelijk wie voor zichzelf opkwam en wie het Woord van Hasjeem (G.d)  verkondigde. De positie van de Koheen wordt versterkt aan het einde van de Parasja waar allerlei giften en privileges aan de Koheen toegekend worden .

Haftara: I Sjmoe’el 11;14 - 12;22. De geschiedenis kent zijn ironische wegen. De profeet Sjmoe’el, een nakomeling van Korach, zit nu als geestelijke leider van het volk in de positie van Mosje. Gelijk zijn voorganger die zich verdedigt met de woorden “niet de ezel van één van hen heb ik weggenomen”, gebruik Sjmoe’el bijna dezelfde woorden “wiens rund heb ik weggenomen, wiens ezel heb ik weggenomen?”