, עַל-אֹיְבֶיךָ De oorlog winnen
Deuteronomium 21:10 כִּי-תֵצֵא לַמִּלְחָמָה, עַל-אֹיְבֶיךָ; וּנְתָנוֹ ה אֱלֹקיךָ, בְּיָדֶךָ—וְשָׁבִיתָ שִׁבְיוֹ Wanneer gij ten strijde zult uittrekken tegen uwe vijanden, en de eeuwige, uw G‑d, hem in uwe macht zal geven, en gij maakt gevangenen van hem,
Volgens de Tora heeft een persoon twee neigingen. De ‘goede neiging’ de jétser hatov en de kwade neiging, de jétser hara. De jétser hara is erop uit om ons in de val te laten lopen en ons tot ongepast gedrag aan te zetten. De jétser hatov probeert ons op het goeie, smalle pad te houden en helpt ons overwicht te hebben over de jétser hara. De keuze is aan ons, maar het is best hard werken, om de jétser hara te weerstaan!
De parasha van deze week begint met: ‘als je ten strijde trekt tegen je vijand’. De Chassidische leiders verklaren dit vanuit een dieper niveau. Je vijand, betekent je jétser hara, die wij constant en dagelijks bestrijden. De Tora gebruikt hier de woord “, עַל-אֹיְבֶיךָ “ letterlijk vertaald als “op je vijanden” i.p.v. de gebruikelijke woord “iem” wat “tegen” (je vijanden) betekend. De Chassidische leiders verklaren dat de Tora hiermee de boodschap aan ons wil geven dat we meteen vanaf de begin van deze strijd moeten beseffen dat we staan boven – OP – de vijaand staan. De Tora geeft ons gelukkig hoop. Maar de regel gaat verder; en G‑d levert hem aan je uit… en je zult gevangen nemen”
De Talmud (Shabbat 104:1) verklaart dat בא ליטהר מסייעים אותו ‘iemand die zichzelf komt zuiveren… geholpen wordt:” Wanneer wij oprecht zijn in ons verlangen om het juiste te doen, krijgen we stimulans, een zetje, van G‑d om ons te helpen de jétser hara en andere verleidingen om ons heen te verwerpen. Daarom, als we de uitdaging frontaal aangaan, wordt de jétser hara niet alleen ‘aan je uitgeleverd’ maar het wordt ‘gevangen’, namelijk, de jétser hara wordt tot het goede, de jétser hatov getransformeerd.
Volgens de Chassidishe filosofie is dit een constant dagelijks proces. Onszelf en de wereld om ons heen te transformeren. De Schepping te ‘verfijnen’ en het voor het goede te gebruiken om zodoende een hoger doel te dienen.
Le’iloej nishmat Shimon Tovia ben Levi