De Soeka is inmiddels opgeborgen en zal tot de volgende herfst opgeborgen blijven. Maar de boodschap van de Soeka is natuurlijk door het jaar bij ons aanwezig. Deze week, met het lezen van Parasjat Noach, wordt nog eens onze aandacht hierop gevestigd.
Noach bouwde een ‘Ark’ om te kunnen overleven in een tijd dat het anders niet mogelijk zou zijn om te overleven. Ook de Soeka doet denken aan de tijd dat onze voorouders de onverbiddelijke omstandigheden van de woestijn veertig jaar lang hebben overleefd.
Er is nog een overeenkomst tussen de ‘Ark’ en de Soeka .
Elke vrijdagavond spreken wij G‑d aan als de “Porees soekat sjalom, alenoe ve’al kol amo jisrael ve’al Jeroesjalaim = Hij die een soeka van vrede uitspreidt over ons, Zijn volk Israel en Jeruzalem”. De soeka wordt gezien als symbool voor vrede. Maar de Ark van Noach was niet alleen een symbool voor vrede, het was de realisatie van vrede! De wolf en het lam samenwonend, dat was de realiteit in de Ark. Een voorproef van de toekomstige wereld!
Feitelijk gaat de symboliek van de Ark van Noach verder waar de Soeka blijft staan. Terwijl onze vrijdagavond gebeden specifiek om vrede voor Israel en Jeruzalem vragen, spreidt zich de vrede van de Ark uit over de hele wereldpopulatie… het dierenrijk inbegrepen.
In de Joodse traditie kan (en hoort) een rituele handeling, hetzij Torastudie, hetzij gebed ofwel het verrichten van een mitswa, gelijktijdig een dubbele werking hebben; aan de ene kant persoonlijk spirituele voldoening voor degene die de handeling verricht, maar tevens brengt het spiritualiteit en G‑ddelijkheid in de wereld waardoor wij voldoen aan de opdracht om “de wereld te corrigeren onder het Koningschap van de Eeuwige.”
Noach en zijn familie hadden twee taken voor zich; in de Ark was het doel, overleven! Na het einde van de Maboel, de Zondvloed, toen ze de Ark verlieten, was een nieuwe taak voor hen weggelegd: om de bijzondere sfeer die in de Ark heerste, over de hele wereld te verspreiden.