Ja’akov wilde terugkeren naar zijn vader, maar hij wist dat de woede van Esaw nog niet over was. Op zijn eerste ontmoeting met Esaw bereidde hij zich voor met verschillende tactieken: in de eerste instantie dacht hij het met een cadeau weer goed te kunnen maken, ten tweede bad hij tot G.d en voor alle zekerheid was zijn laatste tactiek het zich voorbereiden op oorlogshandelingen. Uiteindelijk verliep de ontmoeting vreedzaam, maar vóórdat Ja’akov zijn broer ontmoette, moest hij zich met een engel meten. Ja’akov kwam triomferend uit de strijd en werd met de naam Jisraël toegesproken, wat betekent “je domineert G.d en mensen”.

Ja’akov stelde zijn familie voor aan Esaw, ze wisselden beleefde woorden uit, na afloop namen ze afscheid van elkaar en ieder ging zijn eigen weg.

Ja'akov en zijn gezin hebben zich in Sjechem gevestigd. Daar speelde zich het verhaal van Dina af. De dochter van Ja’akov werd verkracht door de zoon van de plaatselijke heerser. Sjimon en Levi, twee broers van Dina, namen wraak op de hele bevolking. Ja'akov voelde zich gedwongen Sjechem te verlaten. In opdracht van G.d reisde hij richting Beit-El; Ja'akov zette daar een gedenksteen.

Even verder op weg werd de jongste zoon van Ja'akov, Benjamin, geboren. Tijdens zijn geboorte komt Rachel, zijn moeder te overlijden.

Wij lezen ook over het overlijden van Jitschak in deze Parasja.

Haftara: Owadja 1:1-21. De profeet Owadja, die zelf een proseliet was van Edomietiesche afkomst, vertelt over de toekomst die Edom te wachten staat.